De voorhoef (van onder gezien) De voor hoef is groter dan de achter hoef en is
bijna circel rond.De voorste helft van het lichaam (met hals en hoofd) is zwaarder dan de achterste helft, door deze sterke belasting van de voorhand verklaart men de meer grotere en meer platte vorm van de voorhoef vergeleken met de achter hoef.De hoek van de hoornwand is aan de toon 45°tot 50° en wordt naar achteren toe steiler.De dikte van de hoornwand is het grootst aan de toon en neemt gelijdelijk af naar de verzenen (en de lengte van de wand is ongeveer tweemaal de lengte van het verzenen gedeelte).De straal behoort groot, breed en goed ontwikkeld te zijn en de zool duidelijk uitgehold.
De achter hoef vergelijkt men de achterhoef met voorhoef, dan vindt men verschillende afwijkingen.In de eerste plaats is de achterhoef kleiner in omvang, de vorm niet rond maar ovaal en met een spitse toon.De hoek die de hoornwand maakt in de toon is ongeveer 55°.De zool is meer uitgehold en de hoornzool is dikker dan bij de voorhoef, de straalgroeven zijn dieper en de steunsels zijn steiler dan bij de voor hoef.Voor zowel de voor en de achter hoef is de buiten zijde wijder dan de binnen zijde.
